Het misbruik van stimulerende middelen en verslaving komt voor in alle lagen van de bevolking in vergelijkbare proporties. Studies in Amerika wijzen uit dat ongeveer 13% van de bevolking afhankelijk is geweest van alcohol op één moment in hun leven. Een recent onderzoek door het National Institute on Alcohol Abuse and Alcoholism wees uit dat een levenslange overheersende alcoholafhankelijkheid zich voordoet bij 13,3% van de bevolking en bij 4,4% tijdens 12 maanden. Ongeveer 6% van de bevolking ondervind een afhankelijkheid van andere drugs. Ondanks dat er verschillen zijn in deze cijfers in verschillende landen, afhankelijk van lokale instellingen, het voor handen zijn van verscheidene soorten drugs, het bestaan van een algemene kennis mbt alcohol en drugs en de wettelijke voorschriften wat betreft stimulerende middelen; in de westerse wereld ligt het dicht bij elkaar.
Door de schadelijke effecten van het misbruik van stimulerende middelen en verslaving op zowel emotioneel, psychologisch, sociaal, economisch als spiritueel vlak, zullen deze personen zich vaak wenden tot een coach of een ander soort professional voor hulp bij één of meerdere van deze gebieden. Daarom is het ook van groot belang dat coaches zich bewust zijn van de tekenen en symptomen van het misbruik van stimulerende middelen, een begrip van wat verslaving inhoud en uitgerust zijn met een goed netwerk waar zij cliënten met verslavingsproblematiek aan kunnen doorverwijzen en deze cliënten kunnen worden geholpen met op verslaving toegespitste behandelmethoden.
Afgezien van cliënten met afhankelijkheidsproblemen, zullen coaches ook vaak cliënten aantreffen wiens levens worden beïnvloed door de afhankelijkheidsproblemen van een partner, ouder, kind of collega. Geschat wordt dat iemand met een afhankelijkheidsprobleem op z’n minst zes mensen in zijn omgeving sterk en vaak schadelijk beïnvloed. Er is bijna geen enkele individu die niet is geraakt door de verslaving van een naaste.
Ook is aangetoond dat er een sterk genetisch component meespeelt in het ontwikkelen van een verslaving. Hierdoor komt het vaak voor dat families over meerdere generaties, een geschiedenis van verslaving hebben en de daarbij horende, vaak traumatische, ervaringen.
Aangezien er nog steeds een groot taboe rust op verslaving, komt het vaak voor dat de verslaafden zelf en de directe omgeving, de verslaving verhult met een stilzwijgen. Het wordt vaak een publiek geheim, de zogenaamde ‘olifant in de kamer’, waarvan iedereen zich bewust is, maar tegelijkertijd het onderwerp vermeid. Het wordt nog steeds gezien als iets om zich voor te schamen als men zelf, of een naaste, een afhankelijkheidsprobleem heeft en het probleem blijft daardoor in gehuld in leugens en geheimen.
Dit komt voornamelijk door het beeld dat men heeft van een alcoholist (dakloze oude man op een bankje in het park met een fles whisky in zijn handen) of dat van een verslaafde (de onverzorgde, tandloze junkie op de Wallen, die bedelt om geld). Hierdoor is het geen verassing dan mensen met een afhankelijkheidsprobleem en hun naasten hiermee niet geassocieerd willen worden. De realiteit van verslaving ligt ver van deze stereotypes af. De meerderheid van mensen met verslavingsproblemen hebben voor het oog van de buitenwereld alles vaak keurig op orde; een baan, een huis en een gezin.
Het is erg goed mogelijk dat coaches te maken krijgen met cliënten die juist door hun achtergrond hun verslaving niet onder ogen willen zien, omdat zij bang zijn voor het stigma dat hiermee gepaard gaat. Deze moeilijke factor wordt ook nog ondersteund door een ander aspect van verslaving: ontkenning. Naast de angst voor stigmatisering, verbergen verslaafden de realiteit van hun probleem vaak voor zichzelf en hun omgeving. Het gevoel van geluk en euforie, die in eerste instantie wordt geassocieerd met het stimulerende middel waaraan de persoon is verslaafd, is zo bevredigend dat de verslaafde geest er alles aan zal doen om het gebruik te verdedigen en beschermen. Zelfs als het naar iedere buitenstaander duidelijk is dat het stimulerende middel grote problemen veroorzaakt voor de gebruiker.
Dus zelfs als een cliënt met afhankelijkheidsproblemen naar een coach gaat voor hulp, zal de cliënt er hoogstwaarschijnlijk alles aan doen de connectie tussen de problemen die zij ondervinden en het stimulerende middel dat zij gebruiken volledig te ontkennen en maskeren.
Het probleem voor de coach ligt initieel bij de diagnose. Hoe ziet men dat een cliënt een afhankelijkheidsprobleem heeft? Om hier een duidelijk antwoord op te geven is het noodzakelijk een goed begrip te hebben van de definitie van afhankelijkheidsproblemen en de ziekte van verslaving zelf.
Het is in de laatste jaren bewezen dat verslaving een hersenafwijking is. Recente vooruitgangen in de medische wereld hebben aangegeven dat er duidelijke verschillen zijn in de hersenfunctie van verslaafde en niet verslaafde hersenen.
Sinds de ontwikkeling van Positronemissietomografie (PET) en functionele MRI zijn neurochemisten erin geslaagd de functies van levende menselijke hersenen te onderzoeken. Dit heeft duidelijke verschillen weergegeven in de stimulus-response patronen en in de beslissingsactiviteiten tussen de hersenen van verslaafden en niet verslaafden.
Deze verschillen komen voor op twee plaatsen in de hersenen: in het beloningssysteem en in de hersenschors
De neurochemie die hoort bij het gebruik van drugs en verslaving is complex. Desondanks hebben alle verslavende drugs één ding met elkaar gemeen: zij produceren een gelukkig makend gevoel bij de gebruiker, een zogenoemde high. Al deze drugs stimuleren het beloningssysteem in de hersenen en de dopamine aanmakende neurotransmitters die zich daarin bevinden. Dopamine wordt normaalgesproken door de hersenen afgegeven als reactie op stimuli als eten en seks, maar dus ook bij het gebruik van stimulerende middelen als drugs en alcohol. Stimulerende middelen die het beloningssysteem activeren worden positief versterkt – dat wil zeggen dat het plezierige effect dat wordt beleefd door de gebruiker, aanzet tot het herhalen van het gebruik. Wanneer de versterking van het beloningssysteem abnormaal wordt en de gebruiker compulsief drugs zoekend gedrag vertoond, is de daadwerkelijke verslaving een feit. Het probleem wordt versterkt doordat de gebruiker tolerantie opbouwt in verloop van tijd. Dit gebeurd tevens door de reductie van dopamine receptoren. De gebruiker heeft steeds meer nodig om het gewenste effect te bereiken en zal ontwenningsverschijnselen vertonen als deze geen drugs meer voor handen heeft of probeert te stoppen. Het over-gestimuleerde beloningssysteem is niet langer meer actief en hierdoor ontstaat een licht depressieve staat van zijn. Dit gevoel leidt vaak naar een terugval.
De hersenschors wordt verdeeld in specifieke functies. De verschillende gebieden verwerken informatie van onze zintuigen en maken het mogelijk dat wij zien, voelen, horen en proeven. Het voorste deel van de hersenschors is het denk centrum van de hersenen. Hiermee kunnen wij denken, plannen, problemen oplossen en beslissingen maken. Het effect van verslaving op de hersenschors zorgt ervoor dat de hersenen steeds minder in staat zijn de binnenkomende data van de zintuigen te interpreteren. Ook de kritische processen van het geheugen, analytisch vermogen en het maken van beslissingen, wordt beïnvloed.
Mensen wiens leven nadelig zijn beïnvloed door de effecten van alcohol en drugs gebruik, kunnen in twee categorieën worden verdeeld: Degenen die stimulerende middelen misbruiken en degenen die afhankelijk zijn van stimulerende middelen. Van deze twee categorieën is de eerste milder en minder schadelijk, maar zal in verloop van tijd kunnen veranderen in de tweede, meer schadelijke diagnose. De eigenschappen van deze twee fases, zoals die zijn gedefinieerd door de DSM-IV (het classificatie systeem van de American Psychiatric Association (APA), het Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders), zijn als volgt vastgelegd:
Misbruik van stimulerende middelen
(1 of meerdere keren in een periode van 12 maanden)
• Terugkerend gebruik dat leidt tot het niet kunnen volbrengen van taken op werk, school en thuis.
• Terugkerend gebruik in psychisch gevaarlijke situaties.
• Terugkerende drugs of alcohol gerelateerde juridische problemen
• Doorgaan met gebruik ondanks hardnekkige en terugkerende sociale problemen veroorzaakt door stimulerende middelen
Afhankelijkheid van stimulerende middelen
(3 of meerdere keren in een periode van 12 maanden)
• Tolerantie (toename in hoeveelheid en afname in effect)
• Karakteristieke ontwenningsverschijnselen. Stimulerende middelen nemen om ontwenningsverschijnselen te verlichten.
• Meer nemen van stimulerende middel en over een langere periode dan voorgenomen.
• Aanhoudende drang om te stoppen en herhaaldelijke onsuccesvolle pogingen om te stoppen
• Veel tijd besteed aan het krijgen, gebruiken en herstellen van drugs
• Belangrijke sociale, beroeps of recreatieve activiteiten worden voor een deel of geheel opgegeven
• Aanhoudend gebruik ondanks de wetenschap van de consequenties
In het verloop van een proces met een cliënt, kan een coach aanwijzingen krijgen door het gedrag of door uitspraken van de cliënt, ondanks het fenomeen ontkenning en de angst voor stigmatisering. Zulke aanwijzingen kunnen zijn:
• Fysiek: rillingen, alcohol lucht, zweten, gewichtsverlies, neus ophalen, fysieke aftakeling
• Emotioneel: toenemende agressie, angsten, burnout, ontkenning, depressie, paranoia.
• Gedrag: excessief praten, moeite met coördinatie, snel geïrriteerd, afname van energie, snel afgeleid, niet gemotiveerd.
Coaches die deze of andere symptomen herkennen in hun cliënten moeten voorzichtig zijn in het bespreekbaar maken van alcohol of drugsgebruik van de cliënt. Dit voornamelijk om defensief gedrag en ontkenning niet aan te wakkeren. Coaches moeten vertrouwen op de therapeutische relatie die zij inmiddels met de cliënt hebben opgebouwd en de cliënt aanmoedigen zelf te vertellen over hun alcohol en/of drugsgebruik.
Komt de cliënt er zelf niet uit, zijn er diverse manieren om te testen in hoeverre de cliënt een afhankelijkheidsprobleem heeft. Voorbeelden hiervan zijn o.a. de AUDIT, MAST en DAST test. Deze zijn wetenschappelijk getest en gekeurd op grote bevolkingsgroepen en geven daardoor accurate diagnoses mbt het gebruik en misbruik van stimulerende middelen.
Coaches die er voor kiezen deze weg te bewandelen, moeten getraind worden in het gebruiken van deze instrumenten en de interpretatie ervan. Ongetrainde coaches zouden hun cliënten beter kunnen doorsturen naar verslavingscounselors om deze tests af te nemen. Doorgaans worden coaches niet opgeleid tot het werken met mensen met afhankelijkheidsproblemen en het is dan ook sterk aan te raden de cliënt door te verwijzen naar instellingen die hierin zijn gespecialiseerd. Mede omdat er weinig vooruitgang zal worden geboekt in andere problemen, zolang de verslaving niet wordt aangepakt.
Dit is echter in tegenstelling tot wat een cliënt vaak zal zeggen: dat het misbruik van stimulerende middelen een gevolg is van andere problemen. Dit is een gebruikelijke uiting van ontkenning en klinische ervaring leert dat het tegendeel doorgaans het geval is. Het onvermogen om om te gaan met de uitdagingen van het leven is een resultaat, niet een oorzaak, van afhankelijkheidsproblemen.
Geschreven door Nick Gill – Senior Counselor bij privekliniek ‘Ready for Change’ – Voor meer informatie en trainingen over dit onderwerp kunt u kijken op de website: www.readyforchange.nl
donderdag 27 augustus 2009
woensdag 22 april 2009
Apotheek Hoeven helpt bij slaappil-verslaving
HOEVEN - De apotheek in Hoeven helpt mensen op een simpele manier van hun slaappil-verslaving af. Patiënten krijgen hun gebruikelijke merk medicijnen, maar de dosis wordt geleidelijk teruggebracht naar nul.
De werkzame stof wordt vervangen door suiker, maar de patiënt weet niet wanneer er geen slaapmiddel meer in zit. Pas na vier weken zonder echt medicijn belt apotheker Jan Sips zijn klanten op.
De afgelopen jaren werkte de methode bij tachtig procent van de patienten. Meer dan vijftig klanten van de apotheek zijn van de slaappillen af.
Ready For Change
De werkzame stof wordt vervangen door suiker, maar de patiënt weet niet wanneer er geen slaapmiddel meer in zit. Pas na vier weken zonder echt medicijn belt apotheker Jan Sips zijn klanten op.
De afgelopen jaren werkte de methode bij tachtig procent van de patienten. Meer dan vijftig klanten van de apotheek zijn van de slaappillen af.
Ready For Change
zondag 19 april 2009
Chemie van Verslaving!
Het gebruik van genotsmiddelen is een existentiële behoefte van mensen, maar kan ook een probleem worden. Verslavingsstatistieken in Nederland laten een sterke groei in de consumptie zien. De verslavingszorg kan de groei nauwelijks aan en beleidsmakers lanceren tal van nieuwe plannen van aanpak. Maar wat is precies het wezen van verslaving? Waardoor wordt verslaving veroorzaakt? Waarom raakt de één wel verslaafd en de ander niet? Uit genetisch en neurobiologisch onderzoek blijkt steeds vaker dat bij de meeste vormen van verslaving sprake is van een chronische hersenziekte. Deze nieuwe inzichten hebben grote impact op de verslavingspreventie, hulpverlening en aansprakelijkheid, maar ook op het leven van verslaafden en hun zelfbeeld.
Uitnodiging
De recente publicatie ‘Chemie van verslaving. Over genen, hersenstofjes en sociale zwakte’, van Anja Krabben, Toine Pieters en Stephen Snelders, (respectievelijk journaliste en onderzoekers aan het VUmc) vormt voor Het Portaal aanleiding voor een inhoudelijk programma over de nieuwste inzichten in de wetenschap. Tijdens tafeldialogen en een debat wordt met u aan de hand van de onderzoeksresultaten getoetst in hoeverre deze van invloed zijn op preventie, hulpverlening en aansprakelijkheid.
Daarnaast nodigen wij u uit nog nader te onderzoeken vraagstukken omtrent genetische aspecten van alcohol- en drugsverslaving te benoemen. De uitkomsten van de middag worden aan de deelnemers, beleidsmakers en andere belanghebbenden toegestuurd.
Richard van den Ende Ready For Change
Uitnodiging
De recente publicatie ‘Chemie van verslaving. Over genen, hersenstofjes en sociale zwakte’, van Anja Krabben, Toine Pieters en Stephen Snelders, (respectievelijk journaliste en onderzoekers aan het VUmc) vormt voor Het Portaal aanleiding voor een inhoudelijk programma over de nieuwste inzichten in de wetenschap. Tijdens tafeldialogen en een debat wordt met u aan de hand van de onderzoeksresultaten getoetst in hoeverre deze van invloed zijn op preventie, hulpverlening en aansprakelijkheid.
Daarnaast nodigen wij u uit nog nader te onderzoeken vraagstukken omtrent genetische aspecten van alcohol- en drugsverslaving te benoemen. De uitkomsten van de middag worden aan de deelnemers, beleidsmakers en andere belanghebbenden toegestuurd.
Richard van den Ende Ready For Change
zaterdag 18 april 2009
vrijdag 17 april 2009
Telegraaf
Manager massaal aan drank en coke
Verslavingsgevoelige manager bereikt bodem door kredietcrisis
29 december 2008 - Managers grijpen massaal naar de fles of een lijntje om de steeds grotere druk die ontstaat door de kredietcrisis te weerstaan. Vooral leidinggevenden uit de bancaire sector en beurshandelaren komen steeds vaker in de problemen door overdadig drankgebruik of teveel cocaïne. Dat schrijft de Telegraaf.
Volgens de laatste cijfers van het ministerie van Sociale Zaken drinkt één op de vijf topmanagers nu excessief en heeft één op de twintig een verslavingsprobleem. Privékliniek Ready For Change gespecialiseerd in verslavingszorg voor managers, directeuren en vrije beroepsbeoefenaars meldt een opvallende toeloop van cliënten uit de financiële sector.
Bergafwaarts
Patricia Zegwaard, mededirecteur van de privékliniek: “Verslavingsgevoeligen grijpen steeds vaker naar de fles of naar cocaïne. Door faillissementen, gedwongen ontslagen of grote beursverliezen bereikt deze groep op dit moment in groten getale hun absolute 'bodem'." Directeur Richard van den Ende: "Juist managers en directeuren staan onder grote druk om nu te presteren. Het beloningssysteem in hun hersenen wordt overdreven sterk door de dopamine, de stof die het geluksgevoel geeft, geactiveerd. Daardoor denken zij dat ze zich gelukkig voelen wanneer ze alcohol of cocaïne nemen. Maar dat effect duurt slechts kort en je hebt steeds meer nodig. Zo ga je steeds verder bergafwaarts."
Rendement
In de kliniek worden de managers met een intensieve behandeling in twaalf stappen in dertig dagen, zes maanden nazorg én een familieprogramma van hun drank of coke-probleem afgeholpen. Managers en directeuren die afhankelijk zijn geworden van drank of drugs, besteden, zo blijkt uit onderzoek, zo'n 60 procent van hun tijd aan hun probleem. Ze leveren voor de onderneming dus maar 40 procent rendement.
Bron: De Telegraaf
Verslavingsgevoelige manager bereikt bodem door kredietcrisis
29 december 2008 - Managers grijpen massaal naar de fles of een lijntje om de steeds grotere druk die ontstaat door de kredietcrisis te weerstaan. Vooral leidinggevenden uit de bancaire sector en beurshandelaren komen steeds vaker in de problemen door overdadig drankgebruik of teveel cocaïne. Dat schrijft de Telegraaf.
Volgens de laatste cijfers van het ministerie van Sociale Zaken drinkt één op de vijf topmanagers nu excessief en heeft één op de twintig een verslavingsprobleem. Privékliniek Ready For Change gespecialiseerd in verslavingszorg voor managers, directeuren en vrije beroepsbeoefenaars meldt een opvallende toeloop van cliënten uit de financiële sector.
Bergafwaarts
Patricia Zegwaard, mededirecteur van de privékliniek: “Verslavingsgevoeligen grijpen steeds vaker naar de fles of naar cocaïne. Door faillissementen, gedwongen ontslagen of grote beursverliezen bereikt deze groep op dit moment in groten getale hun absolute 'bodem'." Directeur Richard van den Ende: "Juist managers en directeuren staan onder grote druk om nu te presteren. Het beloningssysteem in hun hersenen wordt overdreven sterk door de dopamine, de stof die het geluksgevoel geeft, geactiveerd. Daardoor denken zij dat ze zich gelukkig voelen wanneer ze alcohol of cocaïne nemen. Maar dat effect duurt slechts kort en je hebt steeds meer nodig. Zo ga je steeds verder bergafwaarts."
Rendement
In de kliniek worden de managers met een intensieve behandeling in twaalf stappen in dertig dagen, zes maanden nazorg én een familieprogramma van hun drank of coke-probleem afgeholpen. Managers en directeuren die afhankelijk zijn geworden van drank of drugs, besteden, zo blijkt uit onderzoek, zo'n 60 procent van hun tijd aan hun probleem. Ze leveren voor de onderneming dus maar 40 procent rendement.
Bron: De Telegraaf
woensdag 15 april 2009
Wel doorbetalen loon?
Verslaafd? De werkgever betaalt
23 juli 2008, 0:00 uur | FD.nl
Door: Marco Meijer en Marloes Woerdman
Een werkgever moet het loon van een aan drugs verslaafde werknemer doorbetalen als deze zich vrijwillig laat opnemen in een afkickkliniek.
Het gerechtshof Den Haag oordeelde onlangs dat in zo'n geval sprake is van ziekte.
Waar ligt de grens? Wanneer is drugs- of alcoholgebruik een ziekte en wanneer valt het in de risicosfeer van de werknemer? In deze zaak werd een stukadoor door zijn werkgever betrapt op het gebruik van drugs. Hij bleek al 12 jaar verslaafd te zijn en sprak met de werkgever af dat hij zich zou laten opnemen in een afkickkliniek en onbetaald verlof zou opnemen.
Desondanks vorderde de stukadoor het loon over de opnameperiode. De kantonrechter wees dat toe en oordeelde dat verslaving aan drugs een chronische psychiatrische ziekte is. De werkgever was het daar niet mee eens en ging in hoger beroep.
Niet ziek, toch arbeidsongeschikt
Het hof deelde de mening van de kantonrechter. De werknemer kon zijn werk niet meer doen omdat hij 'in verband met de ongeschiktheid ten gevolge van de behandeling van die ziekte daartoe verhinderd was'. De afspraak om gedurende de afkickperiode verlof op te nemen was in strijd met 'dwingend recht'. Van de wettelijke loondoorbetalingsplicht bij ziekte kan niet ten nadele van de werknemer worden afgeweken, meende het hof.
Het hof vond zelfs dat alleen al het feit dat iemand in een afkickkliniek verblijft, betekent dat sprake is van ongeschiktheid om te werken als bedoeld in de wet. Dus ook als de werknemer tijdens de opname niet echt ziek was en zonder die opname wel had kunnen werken.
Parachute-ongeluk
In de rechtspraak lijkt steeds meer vast te komen liggen dat een verslaving niet kan worden afgedaan met 'eigen schuld, dikke bult' en echt als ziekte moet worden beschouwd. Op zich niet zo vreemd aangezien een werknemer die door ernstig overgewicht ziek wordt ook gewoon ziekengeld krijgt. Net als de werknemer die in zijn vrije tijd een been breekt bij parachutespringen.
Doorzakkers krijgen doorbetaald
Vooral kleinere werkgevers vinden deze ontwikkeling waarschijnlijk zorgelijk. Waar ligt de grens? Een stevige kater kan het uitvoeren van werkzaamheden gemakkelijk in de weg staan. Kan straks iedereen die 's nachts doorzakt zich de volgende ochtend met een gerust hart ziek melden omdat de werkgever verplicht is het loon door te betalen? Kan de werkgever zich in deze gevallen nooit meer beroepen op het uitgangspunt 'geen arbeid, geen loon' omdat 'ziekte' en afwezigheid niet in de risicosfeer van de werknemer liggen?
Om de kosten te beperken is het voor werkgevers in ieder geval raadzaam in het arbeidscontract op te nemen dat de werkgever gedurende (maximaal) de eerste twee ziektedagen geen loon hoeft te betalen. Dat mogen partijen volgens de wet wél afspreken
23 juli 2008, 0:00 uur | FD.nl
Door: Marco Meijer en Marloes Woerdman
Een werkgever moet het loon van een aan drugs verslaafde werknemer doorbetalen als deze zich vrijwillig laat opnemen in een afkickkliniek.
Het gerechtshof Den Haag oordeelde onlangs dat in zo'n geval sprake is van ziekte.
Waar ligt de grens? Wanneer is drugs- of alcoholgebruik een ziekte en wanneer valt het in de risicosfeer van de werknemer? In deze zaak werd een stukadoor door zijn werkgever betrapt op het gebruik van drugs. Hij bleek al 12 jaar verslaafd te zijn en sprak met de werkgever af dat hij zich zou laten opnemen in een afkickkliniek en onbetaald verlof zou opnemen.
Desondanks vorderde de stukadoor het loon over de opnameperiode. De kantonrechter wees dat toe en oordeelde dat verslaving aan drugs een chronische psychiatrische ziekte is. De werkgever was het daar niet mee eens en ging in hoger beroep.
Niet ziek, toch arbeidsongeschikt
Het hof deelde de mening van de kantonrechter. De werknemer kon zijn werk niet meer doen omdat hij 'in verband met de ongeschiktheid ten gevolge van de behandeling van die ziekte daartoe verhinderd was'. De afspraak om gedurende de afkickperiode verlof op te nemen was in strijd met 'dwingend recht'. Van de wettelijke loondoorbetalingsplicht bij ziekte kan niet ten nadele van de werknemer worden afgeweken, meende het hof.
Het hof vond zelfs dat alleen al het feit dat iemand in een afkickkliniek verblijft, betekent dat sprake is van ongeschiktheid om te werken als bedoeld in de wet. Dus ook als de werknemer tijdens de opname niet echt ziek was en zonder die opname wel had kunnen werken.
Parachute-ongeluk
In de rechtspraak lijkt steeds meer vast te komen liggen dat een verslaving niet kan worden afgedaan met 'eigen schuld, dikke bult' en echt als ziekte moet worden beschouwd. Op zich niet zo vreemd aangezien een werknemer die door ernstig overgewicht ziek wordt ook gewoon ziekengeld krijgt. Net als de werknemer die in zijn vrije tijd een been breekt bij parachutespringen.
Doorzakkers krijgen doorbetaald
Vooral kleinere werkgevers vinden deze ontwikkeling waarschijnlijk zorgelijk. Waar ligt de grens? Een stevige kater kan het uitvoeren van werkzaamheden gemakkelijk in de weg staan. Kan straks iedereen die 's nachts doorzakt zich de volgende ochtend met een gerust hart ziek melden omdat de werkgever verplicht is het loon door te betalen? Kan de werkgever zich in deze gevallen nooit meer beroepen op het uitgangspunt 'geen arbeid, geen loon' omdat 'ziekte' en afwezigheid niet in de risicosfeer van de werknemer liggen?
Om de kosten te beperken is het voor werkgevers in ieder geval raadzaam in het arbeidscontract op te nemen dat de werkgever gedurende (maximaal) de eerste twee ziektedagen geen loon hoeft te betalen. Dat mogen partijen volgens de wet wél afspreken
dinsdag 14 april 2009
Verslaafde werknemer heeft geen recht op loon tijdens ziekte
Verslaafde werknemer heeft geen recht op loon tijdens ziekte
Gepubliceerd op maandag 17 september 2007
Door mr. Diana SimonsDe kantonrechter te Heerlen oordeelde eind augustus dat een werknemer die niet kan werken vanwege een verslaving aan drugs en alcohol geen recht heeft op doorbetaling van zijn loon tijdens ziekte.
In deze zaak ging het om een werknemer die vanaf 1984 voor een bedrijf werkt in de functie van productiemedewerker. In december 2006 meldde hij zich ziek. De werkgever zette de loonbetaling stop op het moment dat hij vernam dat de werknemer is opgenomen in een ontwenningskliniek vanwege zijn verslaving aan drugs en alcohol. De werknemer spande daarop een kort geding aan en eiste doorbetaling van zijn loon over de periode dat hij ziek was. Volgens de werknemer was hij verslaafd geraakt aan de drugs en alcohol vanwege psychische klachten.
Opzettelijk ziekIn de procedure voerde de werkgever aan dat de werknemer geen aanspraak kan maken op doorbetaling van zijn loon omdat er sprake is van opzet. Immers door het gebruik van drugs en alcohol is de werknemer uitgevallen en heeft hij zich moeten laten opnemen. De werkgever verwees hiervoor naar artikel 7: 629 lid 3 onder a BW.
Volgens de kantonrechter kon de werknemer zijn verslaving niet rechtvaardigen door aan te voeren dat hij verslaafd is geraakt door psychische klachten. Indien de werknemer een aantal maanden niet kan werken vanwege zijn verslaving dan is er sprake van een opzet althans een met opzet gelijk te stellen ernstige mate van schuld. De kantonrechter wees de loonvordering van de werknemer af.
Opzet ruim geformuleerdUit de jurisprudentie blijkt dat rechters niet snel van mening zijn dat een werknemer met opzet ziek is geworden indien de ziekmelding verband houdt met een verslaving. Bij alcohol en drugsgebruik is het voor de werkgever moeilijk om aan te tonen dat de werknemer de opzet heeft gehad om ziek te worden. De kantonrechter te Heerlen loste dit probleem op door 'opzet' ruimer te formuleren. Er zou geen sprake zijn van opzet maar van een ernstige mate van schuld. Het is alleen de vraag of andere kantonrechters in een soortgelijke zaak ook opzet ruimer gaan formuleren en tot de conclusie komen dat werknemers geen recht heeft op doorbetaling vanhun loon als zij niet kunnen werken vanwege een verslaving.
Mr. Diana Simons is jurist arbeidsrecht en partner bij Hengeveld Advocaten in Amsterdam. Zij schrijft wekelijks een column voor Planet Internet.
Links
Meer artikelen van mr. Diana Simons onder meer over mailen onder werktijd.
Special: Ontslag, en dan?
stuur door
print
forumreglement
Gepubliceerd op maandag 17 september 2007
Door mr. Diana SimonsDe kantonrechter te Heerlen oordeelde eind augustus dat een werknemer die niet kan werken vanwege een verslaving aan drugs en alcohol geen recht heeft op doorbetaling van zijn loon tijdens ziekte.
In deze zaak ging het om een werknemer die vanaf 1984 voor een bedrijf werkt in de functie van productiemedewerker. In december 2006 meldde hij zich ziek. De werkgever zette de loonbetaling stop op het moment dat hij vernam dat de werknemer is opgenomen in een ontwenningskliniek vanwege zijn verslaving aan drugs en alcohol. De werknemer spande daarop een kort geding aan en eiste doorbetaling van zijn loon over de periode dat hij ziek was. Volgens de werknemer was hij verslaafd geraakt aan de drugs en alcohol vanwege psychische klachten.
Opzettelijk ziekIn de procedure voerde de werkgever aan dat de werknemer geen aanspraak kan maken op doorbetaling van zijn loon omdat er sprake is van opzet. Immers door het gebruik van drugs en alcohol is de werknemer uitgevallen en heeft hij zich moeten laten opnemen. De werkgever verwees hiervoor naar artikel 7: 629 lid 3 onder a BW.
Volgens de kantonrechter kon de werknemer zijn verslaving niet rechtvaardigen door aan te voeren dat hij verslaafd is geraakt door psychische klachten. Indien de werknemer een aantal maanden niet kan werken vanwege zijn verslaving dan is er sprake van een opzet althans een met opzet gelijk te stellen ernstige mate van schuld. De kantonrechter wees de loonvordering van de werknemer af.
Opzet ruim geformuleerdUit de jurisprudentie blijkt dat rechters niet snel van mening zijn dat een werknemer met opzet ziek is geworden indien de ziekmelding verband houdt met een verslaving. Bij alcohol en drugsgebruik is het voor de werkgever moeilijk om aan te tonen dat de werknemer de opzet heeft gehad om ziek te worden. De kantonrechter te Heerlen loste dit probleem op door 'opzet' ruimer te formuleren. Er zou geen sprake zijn van opzet maar van een ernstige mate van schuld. Het is alleen de vraag of andere kantonrechters in een soortgelijke zaak ook opzet ruimer gaan formuleren en tot de conclusie komen dat werknemers geen recht heeft op doorbetaling vanhun loon als zij niet kunnen werken vanwege een verslaving.
Mr. Diana Simons is jurist arbeidsrecht en partner bij Hengeveld Advocaten in Amsterdam. Zij schrijft wekelijks een column voor Planet Internet.
Links
Meer artikelen van mr. Diana Simons onder meer over mailen onder werktijd.
Special: Ontslag, en dan?
stuur door
forumreglement
Abonneren op:
Posts (Atom)